Afgelopen zaterdag 27-4-2013 sprak ik bij het Nationaal Dachau-monument in het Amsterdamse Bos. Dat was niet gemakkelijk maar wel fijn om te doen.
Dit is de tekst:
Goedemiddag dames en heren.
Mijn naam is Gé Reinders en ik ben zanger en liedjesschrijver. De Vriendenkring van Oud-Dachauers heeft mij hier uitgenodigd vanwege een boek en een aantal liedjes die ik heb geschreven over het verzetsverleden van mijn moeder, Grada van Horen.
Wat ik u wil vertellen is welk een last het was om op te groeien met een verzwegen geschiedenis, maar ook wat een bevrijding het is om woorden te vinden bij deze beladen stilte.
Want een zwaar beladen stilte, dat was het. Mijn moeder had iets ergs meegemaakt in de oorlog, dat voelde ik wel. Maar wat?
Ja, ze had gevangen gezeten in Dachau maar wanneer en hoe of waarom, dat vertelde ze nooit. Als je ernaar vroeg begon ze uiteindelijk te huilen. Daardoor werd Dachau het akeligste woord uit mijn jeugd. Niet alleen mijn moeder maar ook ik ging dat onderwerp vermijden. Achteraf gezien ben ik daarmee, misschien wel krampachtig, doorgegaan tot lang na haar dood.
Nu kan ik u vertellen dat ze op 17 oktober 1944 vanuit Ravensbrück met 200 Nederlandse vrouwen op transport is gesteld naar Dachau Aussenlager Agfa Kamerawerk. Ruim een half jaar later, op 30 april 1945 is ze bevrijd door Amerikanen.
Maar dat weet ik niet van mijn moeder.
Het enige wat zij er zelf over vertelde waren, gek genoeg, best leuke anekdotes. Bij voorbeeld over hoe ze hun werk op de Agfa fabriek hadden gesaboteerd, of over een toneelstukje dat ze op nieuwjaarsdag 1945 opvoerden. Het mooiste verhaal ging over een heerlijke reep chocola, die ze na de bevrijding van een donkere Amerikaanse soldaat had gekregen.
Als je die verhalen hoorde zou je bijna kunnen denken dat het allemaal niet zo erg was geweest. Maar je wist wel beter want daarna kwam altijd weer de stilte.
4 mei vond ik in mijn jeugd een van de moeilijkste dagen. Want door het jaar heen werd over het zwijgen gezwegen, het werd weggestopt. Maar op 4 mei kon je er niet omheen. 5 mei was dan ook nooit feestelijk.
Onze moeder overleed in 1985. Toen we haar bureau opruimden vonden we een Rode Kruisdoosje uit de oorlog. Daarin zaten papieren maar vooral veel handwerkjes. Ik heb het doosje mee naar huis genomen en op zolder bewaard. Maar niet op de gewone zolder. Nee, zo ver weg als maar kan: helemaal onder het dak, boven op de vliering.
Achteraf gezien ben ik sindsdien om die pijnlijke plek heen gelopen maar af en toe heb ik, bij wijze van spreken, aan het korstje gepeuterd. In mijn geval ging dat peuteren met liedjes. Eerst in ‘87 een liedje over een verzetsman. In ‘92 een lied dat heette ‘Mien moder in 45’. Ik zing in het Limburgs en die titel betekent ‘Mijn moeder in ’45’. Dat nummer stelt de vraag wat er toch gebeurt is met haar.
In 2004 werd ik gevraagd om dit lied te zingen op TV bij de Nationale Dodenherdenking, uitgerekend op 4 mei. Dat vond ik heel spannend. Zeker omdat ze ook vroegen of ik haar handwerkjes wilde laten zien. Ik heb eerst mijn broer en zus gebeld of dat mocht. Toen kwam het doosje van de vliering.
Het indrukwekkendste handwerkje vond ik een zakdoekje waar ze haar beknopte gevangenisdossier op heeft geborduurd. In kettingsteek.
Daarop is te lezen:
Voor God en Vaderland
17 mei Roermond,
12 juni Maastricht,
23 juni Vught,
6 september Ravensbrück
Onderaan is het zakdoekje versleten. Je ziet ‘München’ maar de datum is niet meer te lezen.
Een jaar later gebeurde er iets wezenlijks. Toen kwam een journaliste die een serie artikelen wilde schrijven over handwerk uit concentratiekampen.
Zij zei iets waardoor ik kwaad werd. Zo kwaad dat ik besloot te gaan uitzoeken wat mijn moeder is overkomen. Toen ze de handwerkjes zag zei de journaliste namelijk: ‘Ik zie het al, uw moeder heeft het niet zo zwaar gehad.’ Dat meende ze te kunnen afleiden uit de kwaliteit van de stof en het garen.
Achteraf ben ik deze vrouw heel dankbaar voor haar, misschien wat, ondoordachte woorden want mijn woede was de sleutel om te gaan zoeken achter de stilte.
Dat werd een zoektocht met heel veel huilen. Want het zwijgen bleek te hebben gediend als verdedigingslinie, om het overweldigende verdriet van de wereldoorlog uit onze huiskamer te weren.
Maar anderzijds voelde de zoektocht ook als een warm bad. Want als kind had ik altijd het idee gehad dat er een vloek op ons gezin rustte. Opeens bleken er mensen te zijn die óok zo’n vloek kenden en die er wél over konden praten. Bovendien bleek de vloek zijn bezwering te verliezen, door woorden.
Daar kwam ik achter toen een uitgeverij mijn verhaal wilde. Ik had geschreven dat het zakdoekje symbool stond voor ‘de zorgvuldig weggeborgen zieligheid van ons gezin’. Ik noem nu een naam want zij was voor mij wezenlijk: redactrice Manon Miltenburg stelde voor om ‘de zieligheid’ te veranderen in ‘het leed’.
Die verbetering opende een wereld van verschil.
Hoe gek het ook klinkt: soms voelde ‘t alsof ons gezin, mijn moeder en ook ikzelf de schuldigen waren. Het is een bevrijding om je te realiseren dat dat gevoel weliswaar verklaarbaar is maar niet klopt.
Hans Teengs Gerritsen vroeg of ik wilde vertellen in welke gemoedstoestand ik hier sta.
Ik denk dat ‘trots’ en ‘bang’ de juiste woorden zijn.
Bang om weer te moeten huilen. Want, al heb ik geoefend met ons gezin, mijn broer en zus, de buren en andere vrienden, woorden als ‘Dachau’ en ‘Ravensbrück’ zijn zó beladen dat ze je op altijd wéér bij de strot kunnen grijpen.
Maar ook trots. Trots vanwege de dingen die ik heb ontdekt. Trots op het aandeel van mijn moeder in het verzet. Trots op het feit dat ze zich hier nooit op heeft laten voorstaan.
Maar vooral trots omdat ik als kind mijn moeder altijd zag als een Limburgse vrouw met een onuitspreekbare, eenzame last. Een vrouw die nergens bij leek te horen. Nu denk ik: zij hoort wél ergens bij. Ik ben dan ook trots dat ik hier, bij dit Nationale Dachau-monument, met recht haar naam mag noemen:
Samen met onze zoon Joep heb ik de muziek geschreven voor de nieuwe reclamespot van Gulpener Bier. Zojuist heb ik die clip een paar keer bekeken en ben er erg trots op. In deze 45 seconden zit heel veel liefde en werk! Het is niet de eerste keer dat Joep en ik samenwerken. We schreven o.a. 'Hide in the light', een mooi lied voor Renée van Wegberg. Ik vind het heerlijk om met hem aan de slag te gaan omdat, aan de ene kant, we aan een half woord genoeg lijken te hebben om elkaar iets duidelijk te maken maar van de andere kant ook omdat hij heel anders naar muziek kijkt dan ik en andere (noten)beelden gebruikt. Ons bedrijf heet Studio RENDIER. De hoofdletters zijn een anagram van onze achternaam.
De opdracht
Op de presentatie van het L1-TV programma 'Daar is mijn vaderland' van Dénise en Maurice Nijsten raakte ik aan de praat met John Halmans, de directeur van de brouwerij. Ze waren al vergevorderd met het maken van nieuwe TV-spots. De beelden waren zelfs al geschoten. Qua muziek hadden ze echter stock-tunes in gedachte. Dat is naamloze muziek die je koopt via internet. Ik vond dat jammer. Mijn gedachte was dat een brouwerij die schermt met 'De kracht van lokaal' zou zich toch ook kunnen profileren met lokale muziek. John ging er mee akkoord dat Joep en ik op eigen risico een demo zouden maken om die anonieme markttunes te overtreffen. Mijn eerste gesprek was half september met Stijn Halfens en Mark Routs van het Mediabedrijf T-36 in Maastricht dat films produceerde.
Mijn aantekeningen van die ontmoeting waren:
- Verhaal proeven en dus horen
- Van mondiaal naar lokaal
- Hoge noten, mandoline
- Hoopgevend
- Positief
- Beat, geen zang
De demo
Op weg naar huis kwam het idee om te beginnen met wereldse, optimistische country op snaarinstrumenten en die muziek over te laten gaan in 'lokale' blaasinstrumenten. Ik heb op de computer een gitaarlijn geschreven in het notatie-programma 'Sibelius' en die naar onze Joep in Maastricht gemaild. Hij stuurde het terug met een banjo- en een pianopartij erbij. Die lijnen raakte me meteen. Deze 45 seconden zijn heel vaak over de digitale snelweg tussen Roermond en Maastricht op en neer geschoten, steeds met wijzingen en aanvullingen. Maar wel met altijd die aantekeningen voor ogen. We kwamen uit op een bluegrass bandje met piano en veel percussie waar steeds meer blazers overheen komen en dat eindigt in een fanfare apotheose met pauken en bekkens. Eind september was T-36 tevreden over onze demo. Op 1-10 kwam John luisteren. Spannend! Het werd een leuke middag die John, mijn vrouw Marjan en ik afsloten met een goed glas Gulpener Ur-Pilsner om te bezegelen dat we konden gaan opnemen! Joep en ik hebben de muziek bij de Buma geregistreerd onder de titel 'Op de toekomst!', de leus van Gulpener.
De opnames
45 Seconden zijn zo voorbij. Maar de opnames van deze de 45 seconden 'Op de toekomst!' duurden meer dan drie dagen. Eerst kwam Janos Koolen uit Arnhem. Hij speelde (let op!) gitaren, mandolines, banjo én piano. De blazers kwamen de dag erna. Cleo Simons, de hoornist van Het Brabants Orkest, was op de fiets vanaf het station. Hij had 's morgens namelijk ook nog even met het Koninklijk Concertgebouw Orkest gerepeteerd. De oktaafsprong die Cleo er in het slotakkoord uitgooit vind ik dan ook majestueus! Sandor Hendriks, de trombonist van het Limburgs Symfonie Orkest, speelt op de opname zowel prachtig trombone áls euphonium. De euphonium (of is het 'het euphonium'?) vind ik de cello van de blaasmuziek. Die klinkt zo Limburgs dat hij niet mocht ontbreken. Bart Dekkers ( a.k.a. 'TuBart') uit de Boukoul speelt de tuba of te wel de blaasbas in het slotakkoord. 's Avonds blies Nando van Westrienen nog trompet. De dag erna met technicus Sam Frölich en onze mobiele opname set naar Adams Muziekcentrale in Ittervoort waar Albert Straten (collega van Cleo bij HBO) de pauken en het concertbekken speelde. 's Nachts alle files doorgestuurd naar Studio Silvester in Utrecht waar Erik Spanjers en ik de volgende morgen de drums en alle percussie van Arthur Bont vastlegden. Erik heeft het vervolgens prachtig gemixt.
Joep en ik zijn er erg trots op! Het leuke is dat wij mede naar aanleiding van deze reclamespot een tweede filmopdracht hebben gekregen. We schrijven nu de muziek voor 'Flight of Life', een korte dansfilm van Elbe Stevens met Maďté Guérin en de Heerlense choreograaf Joost Vrouwenraets. Zij gaat in premiere bij de opening van de ECI Cultuurfabriek in Roermond op 6 april.
Kortom: Op de toekomst!
Gé Reinders, 23-2-2013 Pai, Thailand
1 maart 2013
Zingen op Wattanothay Payap 2
20 februari 2013
Lesgeven op Wattanothay Payap Chaing Mai.
18 februari 2013
Gé op 'Mijn natuur' van Natuurmonumenten
Gé heeft ook een nummer geschreven en opgenomen voor de CD 'Mijn natuur' van Natuurmonumenten. Hij is al jaren lid van die vereniging en vond het een heel eervolle uitnodiging. Het is een mooie CD geworden met liedjes van o.a. Gerard van Maasakkers, Ricky Koole en Frans Pollux. Gé's lied heet 'Tungeler Walle' en is een verslag van een wandeling die hij met boswachter Toon van den Eijnde maakte in dit prachtige gebied tussen Altweerterheide en Tungelroy.
Dit is een boodschap van Suzan Seegers van wie ik de nieuwe Cd heb geproduceerd.
Lieve "vrienden" ...Mijn debuut album SuuS is nu voor jullie te bestellen.
Bestellen kan via deze link
Wie wil SuuS nu niet in huis?!
10 september 2012
Speellijst 2012/2013
Gé houdt dit seizoen een sabbatical en schrijft dus geen nieuw programma. Maar hij heeft wel een aantal leuke uitnodigingen aangenomen:
11 t/m 15 september 2012 Kleine Komedie, Amsterdam, Muzikale Helden met naast Gé, Anneke Van Giersbergen, Ntjam Rosie, Hanneke Drenth, Raf Walschaerts, Maurits Westerik, Gerard Van Maasakkers en Leo Blokhuis. Website
22 september 2012 De Schalm, Veldhoven met Harmonie L'Union Fraternelle onder leiding van Raf de Keninck, 't Toetje, www.deschalm.com
vrijdag 24 mei 2013 20.00 uur, Roermond, TheaterHotel De Oranjerie concert met het Limburgs Symfonie Orkest onder leiding van Etienne Sybens www.lso.nl
zaterdag 25 mei 2013 20.00 uur, Sittard, Stadsschouwburg Sittard-Geleen concert met het Limburgs Symfonie Orkest onder leiding van Etienne Sybens www.lso.nl
zondag 26 mei 2013 15.00 uur, Venlo, Theater de Maaspoort, concert met het Limburgs Symfonie Orkest onder leiding van Etienne Sybens www.lso.nl
3 september 2012
strip: GRADA KUMP THOES
tekst: Gé Reinders
tekeningen: Gijs van der Lelij [link]