Gé Reinders website: start


10 laatste nieuwtjes:



    Deze foto hoort bij de column van 19-7 in Dagblad De Limburger

    20 juli 2014


    De Philharmonie, Gerard én Gé vrijdag bij Plat-eweg

    Verenigd in Muziek wordt uitgezonden op vrijdag 4 juli tussen 19:00 en 21:00 uur in een extra lange uitzending van het radioprogramma Plat-eweg, via L1 Radio én via www.plateweg.nl
    [link]

    3 juli 2014


    twee nieuwe videoclips

    Het Zuiden van Gé Reinders, Gerard van Maasakkers ism philharmonie zuidnederland.




    Gé Reinders - Köp



    25 mei 2014


    Vergeten!

    Ik ben in mijn speellijst nog een erg leuk optreden vergeten.

    Op 29 juni om 14.00u spelen Suzan Seegers en ik in Puth Schinnen samen met hun Wereldkampioen Fanfare onder leiding van Chris Derikx. Suus en ik hebben een duet geschreven dat dan in premiere gaat. Het fanfare-arrangement hiervoor maken Suzanne Welters en Hardy Mertens! Ik verheug me nu al.

    [link]

    5 mei 2014


    Nieuwe optredens!

    Mijn sabbatical is voorbij. Jammer, maar ik vind het ook weer heerlijk om te gaan spelen. Vanaf 3 mei aanstaande zijn er enkele solo-voorstellingen en optredens met Gerard van Maasakkers en Syb van der Ploeg & Wiebe Kaspers. Zie voor de gegevens
    [link]

    26 april 2014


    Nieuwe single: Mesjtreech (Maastricht)

    Gé Reinders met het L.S.O. o.l.v. Etienne Siebens


    Dit is Gé’s loflied op de Limburgse hoofdstad Maastricht die 6 september a.s. (hopelijk) uitverkozen wordt tot Europese Culturele hoofdstad.
    Het nummer, dat in het refrein karakteristiek overgaat naar een wals-ritme, is opgenomen in ... Heerlen tijdens de tournee die Reinders maakte met het Limburgs Symfonie Orkest. ‘De combinatie werkt uitstekend’, aldus Peter van de Berg hierover in Dagblad de Limburger. Hij schreef ook: ‘Reinders lijkt wel een zoon van Toon Hermans, de overleden cabaretier voor wie hij zo veel bewondering heeft.’ De samenwerking met symfonieorkest beviel zó goed dat Gé komend voorjaar ook gaat spelen met de Philharmonie Zuid, de opvolger van het L.S.O.

    Op 1-9 a.s. zendt L1 radio de opnames van het concert integraal uit tussen 18.00 en 20.00 uur.

    Na meer dan driehonderd optredens met blaasorkesten was het een logische stap voor Reinders om met een symfonieorkest het podium te delen. Gé: ‘Ik mag doorschilderen met wéér een nieuw pallet van totaal andere kleuren. Op de allereerste repetitie was ik zó geraakt door dat intense geluid dat ik volschoot en mijn inzet miste. De dirigent en de muzikanten konden dat gelukkig snappen.’

    Tot slot een citaat van André Rieu: ‘Maastricht is - zeker internationaal gezien - de geschiktste kandidaat voor Culturele Hoofdstad 2018.’

    2 september 2013


    Speech bij het Dachau-monument

    Afgelopen zaterdag 27-4-2013 sprak ik bij het Nationaal Dachau-monument in het Amsterdamse Bos. Dat was niet gemakkelijk maar wel fijn om te doen.
    Dit is de tekst:




    Goedemiddag dames en heren.

    Mijn naam is Gé Reinders en ik ben zanger en liedjesschrijver. De Vriendenkring van Oud-Dachauers heeft mij hier uitgenodigd vanwege een boek en een aantal liedjes die ik heb geschreven over het verzetsverleden van mijn moeder, Grada van Horen.
    Wat ik u wil vertellen is welk een last het was om op te groeien met een verzwegen geschiedenis, maar ook wat een bevrijding het is om woorden te vinden bij deze beladen stilte.

    Want een zwaar beladen stilte, dat was het. Mijn moeder had iets ergs meegemaakt in de oorlog, dat voelde ik wel. Maar wat?
    Ja, ze had gevangen gezeten in Dachau maar wanneer en hoe of waarom, dat vertelde ze nooit. Als je ernaar vroeg begon ze uiteindelijk te huilen. Daardoor werd Dachau het akeligste woord uit mijn jeugd. Niet alleen mijn moeder maar ook ik ging dat onderwerp vermijden. Achteraf gezien ben ik daarmee, misschien wel krampachtig, doorgegaan tot lang na haar dood.

    Nu kan ik u vertellen dat ze op 17 oktober 1944 vanuit Ravensbrück met 200 Nederlandse vrouwen op transport is gesteld naar Dachau Aussenlager Agfa Kamerawerk. Ruim een half jaar later, op 30 april 1945 is ze bevrijd door Amerikanen.
    Maar dat weet ik niet van mijn moeder.
    Het enige wat zij er zelf over vertelde waren, gek genoeg, best leuke anekdotes. Bij voorbeeld over hoe ze hun werk op de Agfa fabriek hadden gesaboteerd, of over een toneelstukje dat ze op nieuwjaarsdag 1945 opvoerden. Het mooiste verhaal ging over een heerlijke reep chocola, die ze na de bevrijding van een donkere Amerikaanse soldaat had gekregen.
    Als je die verhalen hoorde zou je bijna kunnen denken dat het allemaal niet zo erg was geweest. Maar je wist wel beter want daarna kwam altijd weer de stilte.

    4 mei vond ik in mijn jeugd een van de moeilijkste dagen. Want door het jaar heen werd over het zwijgen gezwegen, het werd weggestopt. Maar op 4 mei kon je er niet omheen. 5 mei was dan ook nooit feestelijk.

    Onze moeder overleed in 1985. Toen we haar bureau opruimden vonden we een Rode Kruisdoosje uit de oorlog. Daarin zaten papieren maar vooral veel handwerkjes. Ik heb het doosje mee naar huis genomen en op zolder bewaard. Maar niet op de gewone zolder. Nee, zo ver weg als maar kan: helemaal onder het dak, boven op de vliering.

    Achteraf gezien ben ik sindsdien om die pijnlijke plek heen gelopen maar af en toe heb ik, bij wijze van spreken, aan het korstje gepeuterd. In mijn geval ging dat peuteren met liedjes. Eerst in ‘87 een liedje over een verzetsman. In ‘92 een lied dat heette ‘Mien moder in 45’. Ik zing in het Limburgs en die titel betekent ‘Mijn moeder in ’45’. Dat nummer stelt de vraag wat er toch gebeurt is met haar.

    In 2004 werd ik gevraagd om dit lied te zingen op TV bij de Nationale Dodenherdenking, uitgerekend op 4 mei. Dat vond ik heel spannend. Zeker omdat ze ook vroegen of ik haar handwerkjes wilde laten zien. Ik heb eerst mijn broer en zus gebeld of dat mocht. Toen kwam het doosje van de vliering.

    Het indrukwekkendste handwerkje vond ik een zakdoekje waar ze haar beknopte gevangenisdossier op heeft geborduurd. In kettingsteek.


    Daarop is te lezen:
    Voor God en Vaderland
    17 mei Roermond,
    12 juni Maastricht,
    23 juni Vught,
    6 september Ravensbrück
    Onderaan is het zakdoekje versleten. Je ziet ‘München’ maar de datum is niet meer te lezen.

    Een jaar later gebeurde er iets wezenlijks. Toen kwam een journaliste die een serie artikelen wilde schrijven over handwerk uit concentratiekampen.
    Zij zei iets waardoor ik kwaad werd. Zo kwaad dat ik besloot te gaan uitzoeken wat mijn moeder is overkomen. Toen ze de handwerkjes zag zei de journaliste namelijk: ‘Ik zie het al, uw moeder heeft het niet zo zwaar gehad.’ Dat meende ze te kunnen afleiden uit de kwaliteit van de stof en het garen.
    Achteraf ben ik deze vrouw heel dankbaar voor haar, misschien wat, ondoordachte woorden want mijn woede was de sleutel om te gaan zoeken achter de stilte.

    Dat werd een zoektocht met heel veel huilen. Want het zwijgen bleek te hebben gediend als verdedigingslinie, om het overweldigende verdriet van de wereldoorlog uit onze huiskamer te weren.
    Maar anderzijds voelde de zoektocht ook als een warm bad. Want als kind had ik altijd het idee gehad dat er een vloek op ons gezin rustte. Opeens bleken er mensen te zijn die óok zo’n vloek kenden en die er wél over konden praten. Bovendien bleek de vloek zijn bezwering te verliezen, door woorden.
    Daar kwam ik achter toen een uitgeverij mijn verhaal wilde. Ik had geschreven dat het zakdoekje symbool stond voor ‘de zorgvuldig weggeborgen zieligheid van ons gezin’. Ik noem nu een naam want zij was voor mij wezenlijk: redactrice Manon Miltenburg stelde voor om ‘de zieligheid’ te veranderen in ‘het leed’.
    Die verbetering opende een wereld van verschil.
    Hoe gek het ook klinkt: soms voelde ‘t alsof ons gezin, mijn moeder en ook ikzelf de schuldigen waren. Het is een bevrijding om je te realiseren dat dat gevoel weliswaar verklaarbaar is maar niet klopt.

    Hans Teengs Gerritsen vroeg of ik wilde vertellen in welke gemoedstoestand ik hier sta.

    Ik denk dat ‘trots’ en ‘bang’ de juiste woorden zijn.
    Bang om weer te moeten huilen. Want, al heb ik geoefend met ons gezin, mijn broer en zus, de buren en andere vrienden, woorden als ‘Dachau’ en ‘Ravensbrück’ zijn zó beladen dat ze je op altijd wéér bij de strot kunnen grijpen.

    Maar ook trots. Trots vanwege de dingen die ik heb ontdekt. Trots op het aandeel van mijn moeder in het verzet. Trots op het feit dat ze zich hier nooit op heeft laten voorstaan.
    Maar vooral trots omdat ik als kind mijn moeder altijd zag als een Limburgse vrouw met een onuitspreekbare, eenzame last. Een vrouw die nergens bij leek te horen. Nu denk ik: zij hoort wél ergens bij. Ik ben dan ook trots dat ik hier, bij dit Nationale Dachau-monument, met recht haar naam mag noemen:

    Grada van Horen

    Merci.
    [link]

    29 april 2013


    Op de toekomst! Muziek maken voor Gulpener Bier



    Samen met onze zoon Joep heb ik de muziek geschreven voor de nieuwe reclamespot van Gulpener Bier. Zojuist heb ik die clip een paar keer bekeken en ben er erg trots op. In deze 45 seconden zit heel veel liefde en werk! Het is niet de eerste keer dat Joep en ik samenwerken. We schreven o.a. 'Hide in the light', een mooi lied voor Renée van Wegberg. Ik vind het heerlijk om met hem aan de slag te gaan omdat, aan de ene kant, we aan een half woord genoeg lijken te hebben om elkaar iets duidelijk te maken maar van de andere kant ook omdat hij heel anders naar muziek kijkt dan ik en andere (noten)beelden gebruikt. Ons bedrijf heet Studio RENDIER. De hoofdletters zijn een anagram van onze achternaam.

    De opdracht

    Op de presentatie van het L1-TV programma 'Daar is mijn vaderland' van Dénise en Maurice Nijsten raakte ik aan de praat met John Halmans, de directeur van de brouwerij. Ze waren al vergevorderd met het maken van nieuwe TV-spots. De beelden waren zelfs al geschoten. Qua muziek hadden ze echter stock-tunes in gedachte. Dat is naamloze muziek die je koopt via internet. Ik vond dat jammer. Mijn gedachte was dat een brouwerij die schermt met 'De kracht van lokaal' zou zich toch ook kunnen profileren met lokale muziek. John ging er mee akkoord dat Joep en ik op eigen risico een demo zouden maken om die anonieme markttunes te overtreffen. Mijn eerste gesprek was half september met Stijn Halfens en Mark Routs van het Mediabedrijf T-36 in Maastricht dat films produceerde.

    Mijn aantekeningen van die ontmoeting waren:

    - Verhaal proeven en dus horen
    - Van mondiaal naar lokaal
    - Hoge noten, mandoline
    - Hoopgevend
    - Positief
    - Beat, geen zang

    De demo

    Op weg naar huis kwam het idee om te beginnen met wereldse, optimistische country op snaarinstrumenten en die muziek over te laten gaan in 'lokale' blaasinstrumenten. Ik heb op de computer een gitaarlijn geschreven in het notatie-programma 'Sibelius' en die naar onze Joep in Maastricht gemaild. Hij stuurde het terug met een banjo- en een pianopartij erbij. Die lijnen raakte me meteen. Deze 45 seconden zijn heel vaak over de digitale snelweg tussen Roermond en Maastricht op en neer geschoten, steeds met wijzingen en aanvullingen. Maar wel met altijd die aantekeningen voor ogen. We kwamen uit op een bluegrass bandje met piano en veel percussie waar steeds meer blazers overheen komen en dat eindigt in een fanfare apotheose met pauken en bekkens. Eind september was T-36 tevreden over onze demo. Op 1-10 kwam John luisteren. Spannend! Het werd een leuke middag die John, mijn vrouw Marjan en ik afsloten met een goed glas Gulpener Ur-Pilsner om te bezegelen dat we konden gaan opnemen! Joep en ik hebben de muziek bij de Buma geregistreerd onder de titel 'Op de toekomst!', de leus van Gulpener.

    De opnames

    45 Seconden zijn zo voorbij. Maar de opnames van deze de 45 seconden 'Op de toekomst!' duurden meer dan drie dagen. Eerst kwam Janos Koolen uit Arnhem. Hij speelde (let op!) gitaren, mandolines, banjo én piano. De blazers kwamen de dag erna. Cleo Simons, de hoornist van Het Brabants Orkest, was op de fiets vanaf het station. Hij had 's morgens namelijk ook nog even met het Koninklijk Concertgebouw Orkest gerepeteerd. De oktaafsprong die Cleo er in het slotakkoord uitgooit vind ik dan ook majestueus! Sandor Hendriks, de trombonist van het Limburgs Symfonie Orkest, speelt op de opname zowel prachtig trombone áls euphonium. De euphonium (of is het 'het euphonium'?) vind ik de cello van de blaasmuziek. Die klinkt zo Limburgs dat hij niet mocht ontbreken. Bart Dekkers ( a.k.a. 'TuBart') uit de Boukoul speelt de tuba of te wel de blaasbas in het slotakkoord. 's Avonds blies Nando van Westrienen nog trompet. De dag erna met technicus Sam Frölich en onze mobiele opname set naar Adams Muziekcentrale in Ittervoort waar Albert Straten (collega van Cleo bij HBO) de pauken en het concertbekken speelde. 's Nachts alle files doorgestuurd naar Studio Silvester in Utrecht waar Erik Spanjers en ik de volgende morgen de drums en alle percussie van Arthur Bont vastlegden. Erik heeft het vervolgens prachtig gemixt.

    Joep en ik zijn er erg trots op! Het leuke is dat wij mede naar aanleiding van deze reclamespot een tweede filmopdracht hebben gekregen. We schrijven nu de muziek voor 'Flight of Life', een korte dansfilm van Elbe Stevens met Maďté Guérin en de Heerlense choreograaf Joost Vrouwenraets. Zij gaat in premiere bij de opening van de ECI Cultuurfabriek in Roermond op 6 april.

    Kortom: Op de toekomst!

    Gé Reinders, 23-2-2013 Pai, Thailand

    1 maart 2013


    Zingen op Wattanothay Payap 2


    20 februari 2013


    Lesgeven op Wattanothay Payap Chaing Mai.


    18 februari 2013


eXTReMe Tracker